Het gesprek: wat lukt er niet meer?
U vertelt wat u voelt, sinds wanneer, en bij welke handelingen het misgaat. Denk aan schrijven, een pan optillen, een sleutel omdraaien of werken met gereedschap. Ook werk, sport en hobby’s komen aan bod, want daar moet de hand straks weer tegen kunnen.
Bent u al geopereerd of staat er een operatie gepland? Neem dan de brief of het schema van de handchirurg mee. Dan sluit de behandeling daar direct op aan.
Het onderzoek van hand, pols en elleboog
De handtherapeut bekijkt zwelling, kleur en stand van de vingers. Hij meet hoe ver elk gewricht beweegt en hoeveel knijpkracht u heeft, links en rechts. Met gerichte testen zoekt hij uit of een pees, een zenuw of een gewricht de klacht geeft.
De elleboog hoort erbij. De spieren die pols en vingers bewegen, hechten daar aan. Wie veel knijpt, tilt of typt, voelt overbelasting dus vaak bij de elleboog. Onderarm, pols en hand worden daarom als ƩƩn geheel onderzocht.
Uitleg en een plan
Na die eerste afspraak is duidelijk wat er volgens de handtherapeut speelt. U hoort wat de behandeling inhoudt en hoe lang herstel doorgaans duurt. Het plan heeft meestal deze onderdelen:
- Uitleg over wat u wel en niet met de hand mag doen.
- Een spalk op maat, als een pees of gewricht rust nodig heeft.
- Twee of drie oefeningen voor thuis, een paar minuten per keer.
- Opbouw van kracht en belasting in de oefenruimte.
Hoe lang duurt het herstel?
Dat hangt af van het weefsel. Een geĆÆrriteerde pees heeft vaak zes tot twaalf weken nodig om tot rust te komen. Een gebroken pols zit doorgaans vier tot zes weken in het gips en vraagt daarna nog weken tot maanden oefenen.
Na een peeshechting duurt het ongeveer drie maanden voor de pees weer volle kracht mag hebben. Voor uw situatie krijgt u een inschatting, geen garantie.
Niet elke klacht reageert op handtherapie. Ziet de handtherapeut te weinig vooruitgang, dan zegt hij dat en bespreekt hij met u de stap naar de arts of handchirurg. Maakt u zich zorgen? Neem contact op met de praktijk.