Bij lichte tot matige klachten begint de behandeling van het carpaal tunnel syndroom zonder operatie. De Nederlandse richtlijn noemt een spalk als mogelijke eerste stap bij lichte klachten. Een Cochrane-review vond dat een nachtspalk de klachten kan verminderen, al is het bewijs beperkt. Bijwerkingen zijn er nauwelijks.
Nachtspalk in neutrale stand
Victor Haasjes maakt de spalk zelf, op maat van uw hand en onderarm. De spalk houdt de pols recht: niet gebogen en niet gestrekt. In die stand is de druk in de tunnel het laagst. Vingers en duim blijven vrij.
| Wanneer dragen |
Hoe lang |
| Elke nacht |
Zes weken, daarna bekijkt u samen het resultaat |
| Overdag bij handelingen die tintelingen uitlokken |
Zo kort als kan |
| Na zes weken met goed resultaat |
Afbouwen, en opnieuw dragen als de klachten terugkomen |
Wie baat heeft bij de spalk, merkt dat meestal in de eerste weken aan de nachten. Merkt u na zes weken geen verschil, dan heeft langer doordragen weinig zin.
Zenuwglijoefening voor de middelste zenuw
Een zenuw moet bij elke beweging een stukje kunnen schuiven. Deze oefening houdt dat schuiven soepel, zonder de zenuw op rek te zetten.
- Ga rechtop zitten met de elleboog gebogen, de handpalm naar u toe en de vingers in een losse vuist.
- Strek de vingers en de duim.
- Kantel de pols naar achteren, zodat de handpalm naar het plafond wijst.
- Strek rustig de elleboog tot u een lichte trek voelt en ga direct terug.
Doe dit vijf keer, drie keer per dag. Nemen de tintelingen toe, maak de beweging dan kleiner.
Peesglijoefeningen
De negen buigpezen delen de tunnel met de zenuw. Glijden ze soepel, dan blijft er meer ruimte over. U maakt na elkaar vijf standen: gestrekte hand, haakvuist met alleen de vingertoppen gebogen, volle vuist, tafelblad met rechte vingers en gebogen knokkels, en platte vuist. Houd elke stand drie tellen vast. Vijf rondes, drie keer per dag.
Werkhouding en belasting
De handtherapeut loopt met u na welke handelingen de klachten uitlokken. Vaak helpt het om de pols recht te houden bij typen en muizen, losser te knijpen en vaker af te wisselen. Tips voor uw werkplek staan bij polspijn bij typen. Stoppen met werken of sporten hoeft zelden.
Wanneer een injectie of operatie bij carpaal tunnel syndroom?
Handtherapie is niet altijd genoeg. Zijn de klachten na zes weken niet duidelijk minder, is het gevoel constant weg of wordt de duim zwakker, dan is overleg met een arts de volgende stap. De handtherapeut zegt u dat eerlijk.
Een injectie met een ontstekingsremmer in de pols geeft veel mensen weken tot maanden verlichting. Vaak komen de klachten daarna terug. Bij een operatie klieft de chirurg de band die het dak van de tunnel vormt, zodat de zenuw ruimte krijgt. Of en wanneer dat nodig is, beslist de arts of handchirurg met u.
Herstel na een carpaal tunnel operatie
De ingreep duurt kort en gebeurt meestal onder plaatselijke verdoving. Uw vingers mag u direct bewegen. De nachtelijke tintelingen zijn vaak al binnen enkele dagen weg.
De hechtingen gaan er na tien tot veertien dagen uit. Licht werk lukt meestal na twee tot vier weken, zwaar handwerk na zes weken of later. Het litteken en de handpalm ernaast kunnen bij steunen nog een paar maanden gevoelig zijn. De knijpkracht komt in drie tot zes maanden terug.
De handtherapeut begeleidt dat herstel: littekenmassage zodra de wond dicht is, glijoefeningen voor pezen en zenuw tegen verkleving, en stap voor stap kracht opbouwen. Was de zenuw lang bekneld, dan herstelt het gevoel trager en soms niet helemaal.
Vergoeding van handtherapie bij carpaal tunnel syndroom
Handtherapie door de fysiotherapeut wordt vergoed uit uw aanvullende verzekering. Uw eigen risico blijft daarbij buiten beeld. Het aantal vergoede behandelingen staat in uw polis. Meer leest u bij tarieven en vergoeding. Een verwijzing is niet nodig: u kunt direct een afspraak maken.
Uw behandelaar: Victor Haasjes, fysiotherapeut en handtherapeut bij MoveWell Hilversum. Tekst bijgewerkt oktober 2026.